IRU wil betalingstermijn in wegtransport beperken tot 30 dagen

Vrachtwagen - Logistiek.be
Transport & Distributie

De internationale wegtransportorganisatie IRU vraagt een maximale betalingstermijn van 30 kalenderdagen voor wegvervoerdiensten. Meer zekerheid over inkomsten moet vervoerders helpen hun dagelijkse kosten en toekomstige investeringen te financieren.

Wie goederen vervoert, betaalt zijn kosten vaak ruim voordat de opdrachtgever de factuur vereffent. De internationale wegtransportorganisatie IRU wil daar een duidelijke grens aan stellen: maximaal 30 kalenderdagen voor wegvervoerdiensten, zonder uitzonderingen die de betaling verder rekken.

IRU bracht haar standpunt begin oktober naar buiten en verbindt tijdige betalingen met de financiële ruimte die transportbedrijven nodig hebben om hun wagenpark te vernieuwen en te elektrificeren.

Dertig dagen voor wegvervoerdiensten

IRU pleit voor een maximale betalingstermijn van 30 kalenderdagen voor wegvervoerdiensten. Die grens zou zowel voor zakelijke opdrachtgevers als voor overheden moeten gelden. Ook controles en goedkeuringsprocedures mogen volgens de organisatie niet worden gebruikt om de feitelijke betaling verder uit te stellen.

Waarom dit voor vervoerders belangrijk is

Een transporteur betaalt chauffeurs, brandstof, tol en verzekeringen vaak al voordat de opdrachtgever de factuur vereffent. Wanneer klanten laat betalen, moet het bedrijf die periode met eigen middelen of krediet overbruggen. Dat weegt vooral op kleinere ondernemingen, die doorgaans minder financiële reserves en onderhandelingsruimte hebben.

Elektrificatie vergroot de behoefte aan kapitaal

De oproep komt op een moment dat transportbedrijven voor grote investeringen staan. Elektrische vrachtwagens en laadinfrastructuur vragen doorgaans een hogere initiële uitgave dan klassieke voertuigen. Kortere betalingstermijnen maken zulke investeringen niet automatisch rendabel, maar kunnen wel de behoefte aan werkkapitaal verminderen.

Wat verandert er voor Belgische transporteurs?

Ook Belgische wegvervoerders werken voor opdrachtgevers met uiteenlopende contractvoorwaarden. Een uniforme Europese regeling zou de uiterste betaaldatum voorspelbaarder maken, zeker bij grensoverschrijdende opdrachten. De praktische waarde hangt wel af van de handhaving: kleine vervoerders kunnen terughoudend zijn om hun rechten af te dwingen wanneer ze afhankelijk zijn van een grote klant.

Nog geen nieuwe wet

De termijn van 30 dagen is een pleidooi van IRU, geen reeds ingevoerde Europese verplichting voor alle wegvervoerdiensten. De EU bespreekt al langer strengere regels tegen betalingsachterstanden. Of de specifieke wensen van de transportsector worden overgenomen, moet nog blijken.

Meer financiële ruimte, geen wondermiddel

Kortere betalingstermijnen lossen de hoge kosten, prijsdruk en investeringsuitdagingen van de transportsector niet op. Ze kunnen wel voorkomen dat vervoerders maandenlang extra financiering nodig hebben voor werk dat al is uitgevoerd. Dat maakt de discussie over betalingstermijnen ook relevant voor de concurrentiekracht van Belgische transportbedrijven.

Bronnen
IRU — standpunten rond investeringen en betalingszekerheidOfficiële communicatie, 8 oktober 2026.https://www.iru.org/news-resources/newsroom/green-investment-needs-depot-charging-cash-flow-certainty-new-positions
IRU — standpunt laattijdige betalingenSectorspecifieke beleidspositie.https://www.iru.org/resources/iru-library/iru-position-late-payments
Europese Commissie — Late paymentAchtergrond over Europese betalingsregels en herziening.https://single-market-economy.ec.europa.eu/smes/challenges-and-resilience/late-payment_en

Categorie:

Christophe Slegers

Volgt de Belgische logistieke sector op de voet en schrijft over transport, warehousing, supply chain, automatisering en de bedrijven die de sector in beweging houden.