Foto: Mineral Europa – CMB.tech
Met de eerste reis verschuift ammoniak als scheepsbrandstof van demonstraties en bestellingen naar inzet op een groot zeegaand vrachtschip. CMB.TECH maakte de mijlpaal op 9 oktober bekend. De Mineral Europa is gebouwd in 2026 en vertrekt volgens het bedrijf richting Australië.
Een vloot in plaats van één proefschip
De Antwerpse groep verwacht tegen 2029 nog 21 schepen met ammoniakaandrijving in de vloot op te nemen: achttien bulkschepen, één containerschip en twee chemicaliëntankers. Het grootste deel zou volgens de huidige planning al binnen negen maanden worden opgeleverd. Het gaat om een planning, niet om reeds operationele schepen.
Die opschaling past bij de eerdere samenwerking tussen CMB.TECH en mijnbouwgroep Fortescue voor het vervoer van ijzererts. Ook bij de publicatie van de kwartaalcijfers van CMB.TECH speelde de vlootvernieuwing al een belangrijke rol.
Geen CO₂ bij verbranding, maar nog geen emissievrije keten
Ammoniak bevat geen koolstof en veroorzaakt bij verbranding zelf geen CO₂-uitstoot. Dat maakt de brandstof interessant voor de langeafstandsscheepvaart, waar volledig elektrische aandrijving moeilijk haalbaar is. De klimaatwinst hangt echter af van de manier waarop de ammoniak wordt geproduceerd. Groene ammoniak vraagt hernieuwbare energie; conventioneel geproduceerde ammoniak kan een aanzienlijke uitstoot in de productieketen veroorzaken.
Daarnaast blijven veiligheid en andere emissies aandachtspunten. Classificatiebureau DNV wijst onder meer op de giftigheid van ammoniak, de nood aan aangepaste procedures en de beheersing van stikstofoxiden. Een schip dat op ammoniak vaart, is daarom niet automatisch klimaatneutraal over de volledige levenscyclus.
Ook brandstofvoorziening moet meegroeien
CMB.TECH investeert naar eigen zeggen niet alleen in de schepen, maar ook in opslag en bunkerboten om ammoniak veilig aan boord te brengen. Dat is een noodzakelijke tweede stap: zonder betrouwbare bevoorrading in havens blijft de inzet van de nieuwe schepen beperkt.
Voor de Belgische maritieme sector zit de betekenis van deze eerste reis vooral in de stap naar grootschalige toepassing door een rederij met hoofdzetel in Antwerpen. Hoe snel ammoniak daadwerkelijk een plaats krijgt in reguliere vaarschema’s, zal afhangen van brandstofprijzen, beschikbaarheid en operationele ervaring.

