Geotab, wereldwijd marktleider op het gebied van oplossingen voor het beheer van verbonden voertuigen en bedrijfsmiddelen, heeft zijn eerste Europese index voor Efficiëntie van Stedelijk Vrachtvervoer gepubliceerd, getiteld “De kosten van stilstaan”. Hieruit blijkt een prestatiekloof van 144 procent tussen de grote Europese steden Berlijn en Madrid, waarbij Berlijn het hoogst scoort op het gebied van vrachtvervoersefficiëntie, op de voet gevolgd door Amsterdam. Ook Dublin, Rome, Parijs, Londen en Madrid werden opgenomen in het onderzoek.
Elke dag rijden er miljoenen voertuigen door Europese steden om de goederen te vervoeren die de economie draaiende houden: voedsel, medicijnen, grondstoffen en pakketten. Maar niet alle steden gaan daar even goed mee om. Uit het rapport blijkt dat hetzelfde wagenpark, met dezelfde voertuigen, in totaal verschillende omstandigheden kan tegenkomen, afhankelijk van de stad waarin het actief is – met verstrekkende gevolgen voor kosten, uitstoot en prestaties.
Aan de ene kant voert Berlijn de index aan met een score van 61 op 100, waar het verkeer beheersbaar en, cruciaal, voorspelbaar blijft. Amsterdam moet daar met 59 op 100 nauwelijks voor onderdoen. Aan de andere kant staat Madrid onderaan met een score van 25, wat een efficiëntiekloof van 144 procent oplevert tussen de best en slechtst presterende steden. Dublin (49) en Rome (48) bevinden zich in de middenmoot, terwijl Parijs (37) en Londen (29) samen met Madrid in een categorie terechtkomen waar het systeem zelf het wagenpark begint te belemmeren.
Amsterdam scoort in het onderzoek het best op het gebied van ritinefficiëntie: er wordt minder brandstof verspild tijdens stilstand dan in welke andere onderzochte stad dan ook. Dankzij de compacte stadsindeling, korte gemiddelde ritafstanden en goed afgestemde verkeerslichten blijven voertuigen in beweging, ook al is dat vaak met een lage snelheid. Voor Nederlandse wagenparkbeheerders, met name diegenen die bezorgtrajecten in de laatste kilometer en binnen de stad uitvoeren, werkt het wegennet hier gunstiger dan bijna waar dan ook in Europa.
De harde waarheid: de weg bepaalt de prestaties, maar de bedrijfsvoering bepaalt het verschil
Wat uit Geotabs eerste Europese vrachtvervoersefficiëntie-index naar voren komt, is een verschuiving in hoe we efficiëntie in het vrachtvervoer moeten zien: weg van de dagelijkse files en meer naar de infrastructuur die bepaalt hoe men door de stad beweegt.
In Berlijn zorgt een gedecentraliseerde indeling er bijvoorbeeld voor dat het verkeer over meerdere routes wordt verdeeld, waardoor een vloeiend netwerk ontstaat dat de hele dag stabiel blijft. In Amsterdam zorgen een compacte inrichting en optimalisatie van de verkeerslichten ervoor dat voertuigen blijven rijden in plaats van in de file te staan, ook al is dat vaak traag.
Maar infrastructuur is slechts een deel van het plaatje. Hoe wagenparkbeheerders plannen, roosteren en zich aanpassen aan het netwerk waarin ze opereren, is even belangrijk. Steden als Londen, Parijs en Madrid laten zien dat congestie op zich niet het doorslaggevende probleem is – onvoorspelbaarheid is dat wel. En voor wagenparken creëert die onvoorspelbaarheid wat de Geotab-gegevens aangeven als een ‘structurele belasting’: extra buffertijd, verstoorde leveringsvensters en verloren efficiëntie die niet zomaar door een betere routeplanning of chauffeurstraining kunnen worden opgelost.
Op een fundamenteel, en misschien contra-intuïtief niveau, kunnen steden waarin langzaam wordt gereden nog altijd als efficiënt worden beschouwd, zolang men er maar kan blijven rijden. Rome combineert bijvoorbeeld hoge congestie met een van de laagste niveaus van stationair draaien, omdat het verkeer in een continue kruipstroom rijdt in plaats van een stop-startpatroon. Londen bevindt zich daarentegen aan de andere kant van het spectrum. Daar zorgen herhaaldelijk stoppen en starten tot inefficiëntie, brandstofverspilling en uitstoot.
Edward Kulperger, Senior Vice President EMEA bij Geotab: “Stedelijk vrachtvervoer wordt altijd bekeken vanuit het perspectief van verkeersopstoppingen: hoe druk het in een stad is en hoe traag het verkeer tijdens de spits wordt. Wat deze index laat zien, is dat het echte probleem dieper ligt. Het gaat niet alleen om de hoeveelheid verkeer, maar ook om hoe dat verkeer zich gedraagt. In de meest efficiënte steden verloopt het verkeer consistent en voorspelbaar. In de minst efficiënte steden raakt het gefragmenteerd – en die versnippering heeft een directe impact op de kosten, de uitstoot en het vermogen van wagenparken om effectief te opereren.”
“Voor wagenparkbeheerders is onvoorspelbaarheid een van de meest uitdagende factoren om te beheersen. Je kunt rekening houden met files, je kunt bekende vertragingen omzeilen, maar wanneer de reistijden van dag tot dag aanzienlijk variëren, ontstaat er een sneeuwbaleffect in de hele bedrijfsvoering. Dankzij verbonden voertuig-data krijgen we inzicht in hoe stedelijk verkeer zich daadwerkelijk gedraagt en waar inefficiëntie ontstaat. Die zichtbaarheid stelt wagenparken, steden en beleidsmakers in staat om beter geïnformeerde beslissingen te nemen over de ontwikkeling van stedelijke vervoerssystemen.”

